|
Instituut
voor Islamitische Studies en Publicaties |
|
NIEUWE RECTOR IUR TORNT NIET AAN KORAN ROTTERDAM - Een islamitische vrouw mag nooit met een niet-moslim trouwen. Als het echt niet anders kan, mag een moslimman zijn vrouw slaan. Het voorschrift in de koran dat een dochter de helft minder erft dan een zoon, heeft een goede reden. Aan dergelijke bepalingen in de gezaghebbende islamitische bronnen valt niet te tornen. Dat is de opvatting van prof. dr. Ahmet Akgündüz, de nieuwe rector van de Islamitische Universiteit Rotterdam (IUR). De particuliere opleiding, opgericht in 1997, wil bijdragen aan een Nederlandse vorm van de islam. Maar dat betekent volgens de Turkse jurist niet dat de koran en de uitspraken en handelingen van Mohammed voor herinterpretatie in het licht van de Nederlandse cultuur vatbaar zijn. De voorschriften uit de koran en de soenna, die 80 procent van de islam uitmaken, moeten onveranderd blijven "tot het einde der tijden", aldus Akgündüz, kenner van het islamitisch recht. Alleen bepaalde gebruiken en bepalingen die niet op die bronnen zijn gebaseerd, kunnen in het licht van veranderende maatschappelijke opvattingen worden herzien maar "het woord hervorming wil ik niet gebruiken", zegt Akgündüz stellig. Hij moet niets hebben van de liberale koranuitleg. De rector wil niet tornen aan het islamitische erfrecht. Dat een dochter slechts de helft van het erfdeel van een zoon krijgt, heeft volgens hem een goede reden. "In een huwelijk draagt de man alle kosten." Ook wat het slaan van vrouwen betreft houdt Akgündüz vast aan de voorschriften van de koran en de Profeet. Moslimmannen hebben zeker niet het recht om hun echtgenote regelmatig een pak slaag te geven, benadrukt hij. Alleen als een vrouw verantwoordelijk is voor een conflict in het huwelijk en ze niet met andere middelen tot rede te brengen is, mag haar man haar slaan, maar dan zonder haar lichamelijk letsel toe te brengen. Afwijzend Voorzitter M. Uysal van de Turks-Islamitische Culturele Federatie, de grootste koepel van Diyanet-moskeeën, staat afwijzend ten opzichte van de IUR. "Die heeft geen draagvlak. Het is een onemanshow van de heer Damra", zegt hij, verwijzend naar de oprichter en huidige voorzitter van het college van bestuur, S. Damra. Akgündüz heeft de Turkse ambassade aangeboden om imams die net uit Turkije zijn gekomen, aan de IUR een soort inburgeringscursus aan te bieden. Daar zit Diyanet niet op te wachten, weet Uysal. "Diyanet is heel goed in staat om die cursussen zelf te geven en doet dat ook. Alle imams die naar Nederland komen, krijgen in Turkije een cursus ter oriëntatie op de Nederlandse samenleving, inclusief de Nederlandse taal." (ANP) Telegraaf, 7 november 2000 |